De tuin van...

3 - mevrouw Zwaan

“In 1949 – dat is dus nu zestig jaar geleden - woonde ik met mijn man hier vlak bij in een bovenhuis, aan de Zestienhovense kade. Tijdens onze zondagse wandelingetjes besloten we een tuin te kopen: tuin 3. Mijn man ging er elke dag uit zijn werk naartoe. Als ik de theedoek buiten had gehangen, wist hij dat het eten op tafel stond.

Op wat nu nog de parkeerplaats is, lag in die tijd een hoop puin waaruit we samen genoeg stenen bikten om een huisje te bouwen. Leuke tijd. Iedereen hielp! In 1953 staat dat er. Zodra onze tweede zoon is geboren hangt m’n man er een bordje op: Zwanennest.

In de speeltuin
Ik werd al vroeg weduwe en dan heb je niet zoveel tijd om aan clubs mee te doen. Maar ik heb jaren opgepast op de kinderen die in de speeltuin kwamen. Mijn eigen jongens speelden daar dan ook. Na de oorlog moest die speeltuin helemaal opgebouwd worden, want in de hongerwinter hadden ze ‘m opgestookt. Weet je wie daar heel hard aan hebben gewerkt? God, wat hebben ze gesjouwd: meneer en mevrouw de Grauw. Die naam moet je goed onthouden hoor, want zij – en hun dochters – hebben zoveel voor de vereniging gedaan! Zij waren er al vanaf de oprichting, toen VTV Blijdorp nog achter de dierentuin zat….. Ze kunnen me daar uittekenen, in die speeltuin. Iedereen heb ik op schoot gehad. Ik maak nog altijd praatjes met die kinderen, als ik ze zie. En die schattige mensen van de overkant van de speeltuin kwamen mij altijd koffie brengen!

We hadden fruitbomen, aardappelen, kroten, peen, pronkbonen, prinsessebonen… Nee, geen bloemkool, nee. Weet je, je moest al de huur betalen voor je tuin en dat was dan gewoon te duur! Sinds mijn man is overleden heb ik geen groenten meer. Maar de fruitbomen, die mogen niet weg, die zijn van mijn man!

Met mekaar
Ik had en heb altijd van die heerlijke mensen om me heen! Je had mekaar nodig. Denk maar niet dat ik ooit m’n heggetje hoefde te knippen toen ik alleen was; dat deed iemand ongevraagd voor me. Maar veel zijn er van de tuin af of overleden. Zo’n rijkdom, al die aardige mensen! Ja, vroeger… Er zijn wel mensen die dat verheerlijken, maar nou is het ook fijn!

Spar
Vroeger gingen we altijd met de bus naar kwekerijen. In 1962, ik weet het nog goed, kochten we zo’n klein sparretje, voor wel vier gulden! Die spar is nu zo verschrikkelijk hoog en mooi: een sieraad voor het hele complex. Maar op dezelfde avond dat mijn man die boom had geplant, stierf hij, op de tuin. Kun je je voorstellen dat ik helemaal blij word als ik die boom zie? Mijn man is altijd op de tuin. Als ik mijn hekje achter me dicht heb gedaan, zijn we samen. Nou moet er een stuk van mijn tuin af, maar die spar blijft precies staan! Vind je dat niet mooi? Mijn man heeft hier ook opgebaard gestaan toen hij overleden was. In het clubhuis. En ze hebben dag en nacht bij hem gewaakt. Hij is hier vandaan begraven. Agent Bommel van de Kleiweg – ken je die? - liep voorop.

Ik woonde ’s zomers met m’n kindertjes op de tuin. En we hadden geen water hè. We hebben wat afgesjouwd, maar je had wel meteen gezellig contact met iedereen bij de kraan. We haalden drinkwater in een melkbus en ik waste de jongens in een teiltje op het aanrecht. Een wc had je natuurlijk ook niet. We hadden een emmer, en die leegde mijn man op de tuin. Dat was mest! Koken deed ik op vier peteroliestelletjes. En die gebruik ik nog steeds hoor! Ze zijn nog van mijn moeder. Mijn peterolie koop ik in de tuinwinkel bij meneer Lops. Mijn man stond daar vroeger ook.

Hoogtepunt
Weet je dat ik Mario Been – de voetballer; ik weet niet waar hij voetbalt hoor - nog bijna op schoot heb gehad? Ik heb z’n foto nog. Zijn oma had hier een tuin. Mijn man knipte daar altijd de heg. Zijn overgrootouders zaten hier ook. Ik zie haar nog voor me: zo’n klein wijffie met een oud schort met van die opgenaaide stukjes stof…. ’t Is toch wat…..

En die feestavonden! We hadden een eigen band: de Blijdorp Stars. Corrie Döding zong – wat een schat! - en haar man, Nico heette die. En nog iemand die accordeon speelde. Met nog een drummer. Kijk! En dan speelden ze levensliederen, op het podium. En dan wij aan het dansen! Dat was gezellig…

Puur natuur
Natuurlijk tuinieren? Natuurlijk: ik tuinier gewoon door zoals mijn man het heeft achtergelaten. Bestrijdingsmiddelen? Meid, ik weet niet eens waar je die vandaan moet halen! De sla van mijn man hoorde je kraken! Alles puur natuur. En dan had ik een buurvrouw, een schat, net als haar man. Ze is nou dood. En die kwam dan door de heg met twee beschuitjes met eigen gemaakte jam. Ook puur natuur.

Ik heb het zo heerlijk! Mijn huisje en mijn tuin zijn netjes. Iedereen om me heen is even aardig en behulpzaam…. Ik heb iedereen zien komen en veel mensen zien gaan, maar dat is het leven. Wat wil je nog meer? Wat een rijkdom!”

Interview voorjaar 2009 - ook gepubliceerd in 'Op de tuin - 75 jaar VTV Blijdorp"