Griekse alant

Liefhebbers van planten met grote bladeren kiezen vaak voor de Gunnera manicata. Een paar jaar geleden zag ik op de educatieve tuin De Enk de Griekse alant en verzamelde wat uitgebloeide bloemknoppen. Opgekweekt uit zaad is de plant nu met een hoogte van zo’n twee meter en grote bladeren een ware blikvanger in mijn tuin.

Door: Hennie van Elderen

Oorspronkelijk komt de Griekse alant (Inula helenium) uit Azië. De plant was al in de oudheid in cultuur als geneeskruid voor paarden en muilezels. Ook werd de plant geteeld om zijn eetbare knollen en spruiten. De Romeinen aten de gesuikerde wortels als lekkernij en in de Middeleeuwen werden de versuikerde worteldelen verwerkt in platte, zoete koeken. Ze waren verkrijgbaar bij de apotheek tegen problemen met de spijsvertering en om slijm op te lossen. In veel landen is de plant ingeburgerd geraakt en vervolgens verwilderd. Ook in Nederland is het gewas op deze manier inheems geraakt.

De bloemen van de Griekse alant trekken vlinders, bijen en hommels aan en het is een drachtplant voor onder andere tronkenbijen en pluimvoetbijen. De bloemen zijn eetbaar. Gekonfijte wortels schijnen best lekker te zijn en op internet zijn recepten hiervoor te vinden. De wortel kan ook gebruikt worden als smaakmaker in vissaus.

Zaaien: in het voorjaar in pot of zaaibakje en afdekken met een laagje aarde. Optimale kiemtemperatuur 20°C.

Bronnen:

Boek: Alles over kruiden, door Jekka McVicar

www.tuinkrant.com/plantengids/kruiden/8914.htm

kruidentuinen.blogspot.nl/2011/01/griekse-alant.html