Lammetjestijd bij de stadsherder

Je ziet ze rond onze volkstuin regelmatig grazen de schapen van stadsherder Martin Oosthoek. In de winter staat de kudde op stal. Daar worden in januari en februari de lammetjes geboren. Dan organiseert stadsherder Martin rondleidingen naar de grote schapenstal en krijg je de kans om de geboortes mee te maken.

Met de huifkar

Vanuit de Belevenisboerderij Schieveen vertrekken we met een huifkar richting de schapenstal. De stal is gevestigd in een grote kas in de buurt van de boerderij. Als we uitstappen komt het luide gemekker je al tegemoet. Bij de ingang hangt een bord met “geen toegang voor zwangere vrouwen”. Schapen en geiten kunnen dragers zijn van diverse micro-organismen en die kunnen tijdens de geboorte van lammeren en geitjes vrij komen.

De geboorte van de lammetjes

We hebben geluk en maken twee geboortes mee: een probleemloze en een moeizame bevalling waarbij het lammetje onhandig in de baarmoeder ligt. Martin probeert het lammetje met zijn hand in de juiste stand te brengen, maar uiteindelijk moet er een touw aan te pas komen rond de kop van het lammetje om de bevalling te doen slagen. Aan keizersneden wordt niet gedaan want de dierenarts is daar te duur voor. Na de geboorte wordt de ooi met haar lammetje apart gezet. De navelstreng wordt met jodium ingesmeerd. Zwakke lammetjes krijgen extra verzorging. Ooien die voor het eerst lammeren reageren onwennig na de geboorte terwijl de oudere gelijk hun kroost gaan verzorgen. We zien dat enkele moeders vervoerd worden met de “schapentaxi”, een oude container waarvan de voorkant is weggezaagd.

Vliegeneitjes en wol

Naast de schapen zie je in de stal ook kippen rondlopen. Ze voorkomen een vliegenplaag want ze eten de eitjes van de vliegen. Met hun dikke vacht kunnen schapen goed tegen de kou en zijn bestand tegen een temperatuur van 40 graden onder nul. Veel schapen geven ook elk jaar veel wol. Omdat de kosten van de schaapscheerders hoger zijn dan de opbrengst van de wol, is dit een bijproduct. Als je interesse hebt in een bepaalde vacht, kan je voor de scheertijd een mailtje sturen naar de boerderij. 

Naar buiten

De kudde bestaat uit zo’n 1800 ooien en dit jaar zijn er ongeveer 1300 lammetjes geboren. Een aantal vrouwelijke lammetjes houden ze bij de kudde die daar dan tot hun dood blijven. De rest gaat naar de slacht. Na de winter gaat de kudde naar buiten en er zijn vijf schaapherders in dienst. In een kudde van ongeveer 250 schapen begrazen ze al lopend Rotterdam en omstreken. Je kan ze tegenkomen rond onze volkstuin, in het Kralingse Bos, lopend over de Brienenoordbrug, maar ook op de Vlietlanden want schapen kunnen zelfs zwemmen. De begrazing is goed voor de biodiversiteit. Schapen lusten graag de jonge Reuzenberenklauw, een plaag in onze natuur. Op den duur kan die na begrazing zelfs verdwijnen. 

Informatie:

www.natuurmonumenten.nl/bezoekerscentrum-belevenisboerderij-schieveen

Hennie, tuin 86